Leuke lesideeen voor het basisonderwijs van Juf Naomi
Doelgroep: 1/2
Sectie: bewegingsonderwijs
Geschreven door: Juf Anja


Print-vriendelijke pagina..

Treinen


Lesopzet:

De leerlingen gaan twee aan twee naar het speellokaal.
De leerlingen zijn in de klas ingedeeld in enen, tweeën, drieën, vieren, vijven en zessen. De hulpjes komen voor in de rij, hierna het nummer van de dag, en daarna de volgende nummers.

In de klas geef ik aan dat we stil naar het lokaal lopen, en dat de kinderen een bank opzoeken en daarop gaan zitten. Ik loop voorop en we lopen naar het lokaal.
Wanneer alle kinderen op de bank zitten, gebeurt het volgende:
‘Jullie gaan nu lopen door de zaal. Je klimt nergens op, maar loopt gewoon. Wanneer je het woordje stil hoort, sta je helemaal stil’ Ik zing een aantal keer het liedje: ‘Wie niet lopen wil’ en bedenk hier variaties op zoals:
-    dansen, springen, huppelen, klappen, stampen
Na de eerste activiteit, moeten de leerlingen lopen op een maat. Dit oefenen we een aantal keer tussendoor.

Dan zet ik het liedje: ‘We maken een kringentje’ in, en geef ik twee kinderen een handje. De kinderen zetten in, en ik geef aanwijzingen zodat we een mooie kring krijgen. Hierna gaan alle kinderen op hun plekje zitten en luisteren ze naar me.

We hebben nu gelopen naar het stationnetje, en nu gaan we kijken wat er bij elk station is te doen.
We hebben vandaag een stip, daar begin je altijd. Er kan maar 1 iemand op een stip staan. Als je moet wachten zit je op de bank.

De volgende activiteiten leg ik uit, en vraag ik een leerling om voor te doen:
-    Klimmen & glijden
-    Raken
-    Schat vervoeren
-    Ballon omhooghouden

Klimmen & glijden:
-    Alle kinderen wachten op de bank
-    Een kind klimt, wanneer hij in het klimrek is, mag de volgende
-    Je glijdt op je billen naar beneden
-    Ben je weer beneden dan zit je weer op de bank totdat je aan de beurt bent
-    Heb je hulp nodig, de juf staat in de buurt!

Raken:
-    er staat een korf daar gooi je de pittenzakjes in
-    je mag alleen op een stip staan
-    als alle pittenzakjes gegooid zijn dan doet een kind ze weer in de bak
-    je mag ook tegen de kranten aangooien
-    kijk uit dat je niet tegen kinderen aan gooit
-    je mag een pittenzakje in je handen hebben, dan loop je weer terug naar de bak, en pak je een nieuwe.

Schat vervoeren:
-    Er is een hele belangrijke schat. En deze schat kan niet met de trein mee. Het moet netjes bewaard worden en het mag net schommelen en zeker niet vallen.
-    Je stapt uit de trein en je pakt de schat (zachte bal) uit de kist. Je pakt hem vast met twee handen
-    Je stapt op de mat en loopt voorzichtig naar het einde. Maar dan is er een sloot. Je moet over de sloot springen en weer verder lopen. Kijk uit dat je niet in de sloot valt.
-    Je bezorgt de schat in de volgende kist.
-    Je gaat weer terug, pakt een nieuwe schat, en vervoert deze naar de kist. Is de beginkist leeg? Ruil je de kisten om.

Ballon omhooghouden:
De treinen kunnen niet goed rijden als er blaadjes op het spoor vallen. Maar deze balonnen dat zijn de blaadjes, die vallen uit de lucht. Kun jij de ballon omhooghouden?

Als je dat al goed kan, dan mag je ook de blaadje ook naar een vriendje slaan, kan deze hem weer terugslaan?

De trein maakt geluid wanneer hij rijdt! Maakt hij een keer dit geluid (1x keer slaan op trom) dan gaan we aan de slag. Maakt hij dit geluid (2x keer slaan op trom) dan stoppen de machinisten en mogen ze even uitrusten op de bank.

Elk groepje met een nummer gaat op de bank zitten. De groepen 5 en 6 worden verdeeld over de andere groepjes.
De juf fluit en gaat bij het klimrek staan, met de rug naar het raam, zodat ze de hele speellokaal kan overzien. De juf helpt de leerlingen bij het klimrek.
Elke activiteit duurt ca. 5 minuten, en 2 minuten wisselen.

Wisselen:
-    De juf begint bij een groep. Tsjoeke tsjoeke…zegt de juf. De kinderen sluiten achter haar aan in een rij, en volgende juf. De juf stopt bij de volgende groep = tuut tuut!
-    De kinderen gaan op de bank zitten, de volgende groep gaat achter de juf staan etc.


Tussendoor:
-    eventueel nog bespreken wanneer er dingen  niet helemaal gaan zoals ze moeten. Anders wisselen en weer verder gaan. Denk aan de geluidsignalen!

Afsluiting:
Soms is niet een trein altijd hetzelfde. We maken een trein. De juf gaat voorop. We lopen in een rij door het lokaal. We lopen in een ritme, de juf geeft het ritme aan. Het ritme verandert steeds weer. Dan rijdt de trein snel, en dat wat langzamer etc. Ook steken er soms armen uit de trein, ze zwaaien naar de mensen buiten. En dan rijdt het treintje heel stil door de school…..naar groep 1!







Mail Juf Naomi